1 jul 2017

Paardencoaching heeft iets magisch voor mij

Submitted by maarten

Paardencoaching heeft iets magisch voor mij: je staat in een veld met één of meerdere paarden. En de paarden lijken te weten wat jij nodig hebt als cliënt.
En als begeleider kun je hard aan het werk gaan, maar dan mis je de informatie die een paard aandraagt. Juist door als begeleider niet te weten, en te vertrouwen op de informatie die een paard aanreikt, kom je tot nieuwe inzichten. Een zin, of een interventie die je dan als begeleider doet, komt vanuit het veld door het paard naar je toe. Het is niet iets dat je zelf bedenkt.
Ruud Knaapen beschrijft heel mooi wat er dan gebeurt in zijn artikel “Coachen met Paarden: ‘in service of life’ ”. Hieronder een samenvatting van zijn artikel:

Samenvatting artikel “Coachen met Paarden: ‘in service of life’ ” van Ruud Knaapen

Een kudde paarden is een collectief dat voortdurend in beweging is en zichzelf (her)ordent, rond bronnen als voedsel, ruimte en veiligheid.
De binnenwereld en de buitenwereld van een mens kun je ook zien als een kudde. De binnenwereld is het geheel van al onze innerlijke delen. De buitenwereld zijn de systemen waar we deel van uitmaken.
Paarden zijn gevoelig voor heelheid en ordening in de groep. Zij reageren op hoe onze innerlijke wereld aanwezig is en op hoe wij verbonden zijn met de systemen om ons heen.

Helpen is een liefdevolle manier van niet meewerken met een patroon. Het patroon heeft namelijk de neiging om zichzelf in leven te houden en te herhalen. En het patroon neemt helpers in dienst die de oorzaak van het patroon buiten beeld houden. Vaak is de oorzaak van een patroon te pijnlijk om naar te kijken. Of dat wat er gebeurde had binnen het geweten van een familie of organisatie geen plek meer. Precies daar wordt een paard alert.

Paarden zijn interessante coaches, omdat ze reageren op wat er is, in het hier en nu. Paarden zien de wereld als één geheel, ook als wij het gefragmenteerd ervaren. Dit biedt een andere manier van helpen of coachen. We kijken dan als paardencoach mee door de ogen van het paard, om te zien waar de (innerlijke) kudde van een cliënt weer compleet wil zijn.

Het is voor een paard extreem belangrijk om binding aan te gaan met een groep en om te weten wat hun exacte plek is in de groep. In interactie met een mens wil een paard een soort van mini-kudde vormen. Het paard reageert dan op de mate waarin iemand in contact is met zijn bronnen en op de mate waarin zijn binnenwereld compleet is.

In het systemisch werk fungeert het paard als indicator voor systeemdruk. Systeemdruk ontstaat doordat één of meer van de basisbehoeften van de kudde aangetast worden. Tijdens de paardencoaching is het gedrag van het paard een indicator voor waar en wanneer in het systeem van de cliënt de systeemdruk verandert. Er is dan een potentiële beweging in het systeem van de cliënt die onderbroken, of vastgelopen is.

In het systemisch werk worden drie basisbehoeften van het systeem onderscheiden:
a) Binding: de kudde is niet compleet. B.v. wanneer een familielid van de cliënt of een pijnlijke gebeurtenis is buitengesloten.
b) Ordening: de ordening is verstoord, of de cliënt is beland op een plek die niet de zijne is. B.v. wanneer een kind ouder van de ouders is geworden.
c) ‘In service of life’: de cliënt is niet meer in resonantie met zijn bestemming. B.v. wanneer hij geheel in beslag is genomen door een gebeurtenis uit het verleden, of bezig is met een opgave die niet de zijne is.

Deze behoeften zijn voor het paard van levensbelang: wanneer zij verstoord worden, wordt het systeem voor het paard onveilig. Dit geeft aan het paard stress en hij zal dat proberen te reduceren. De reacties van het paard geven aanknopingspunten voor de paardencoach om interventies te doen met betrekking tot één van deze drie behoeften.

Het paard zal als eerste reageren op datgene waar de systeemdruk het grootst is. Verandert de situatie (b.v. door een interventie van de coach), dan reageert het paard op de nieuwe situatie. Het paard neemt waar voorbij wat wij mensen kunnen waarnemen. Als paardencoach heb je moed nodig om het paard te volgen. Regelmatig beland je dan in een andere sessie dan verwacht.

Deze drie behoeften van het systeem vormen een krachtenveld waar het paard op reageert. Het waarnemingsvermogen van een paard is zo verfijnd en de reacties van een paard gaan soms zo snel, dat je als begeleider alleen maar kunt volgen. Als begeleider heb je begrip van dit krachtenveld nodig en de moed je te laten grijpen door wat zich vanuit het veld ‘door’ het paard heen aandient.

Dat lijkt pas mogelijk wanneer de begeleider iedere intentie om te helpen opgeeft, evenals zijn beeld over wat helpend kan zijn. De interventies van de begeleider komen eerder vanuit het veld, dan vanuit de persoonlijke kennis en ervaring van de begeleider.

Een cliënt kan erkennen wat zich in het verleden (bij eerdere generaties) heeft afgespeeld, voorbij goed en kwaad en in het volle bewustzijn van de prijs die dat gehad heeft. Dit verlaagt de systeemdruk onmiddellijk. Tegelijk lijkt er een ordening te zijn tussen het verleden (wat ons gegeven is) en dat wat ons roept vanuit de toekomst. Paarden staan niet toe dat we te lang naar het verleden gekeerd staan. B.v. omdat we als begeleider toch een goede oplossing voor de cliënt willen. Paarden reageren daar direct op: ze trekken zich dan terug uit de sessie.

Juist in de erkenning van het verleden, soms onaf en precies zoals het is doorgegeven, zit potentieel voor een nieuwe beweging. In de erkenning is de cliënt op een andere manier verbonden met zijn achtergrond. Hij kan zich dan omdraaien en overgeven aan wat zich wil ontvouwen in de toekomst.

Zie voor het volledige artikel van Ruud Knaapen: http://www.wind.nu/files/uploads/Artikelen/TVB_1601_pp_26-31.pdf