Inspiratie

Mooi vind ik onderstaand verhaal: onze verhouding tot ons innerlijk

De koetsier, de koets en de paarden - Gurdjeff (1872 – 1949)

Bij een herberg wacht een koetsier tot hij kan vertrekken met zijn paarden en zijn koets. Intussen poetst hij zijn koets en borstelt hij zijn paarden. Hij wacht tot een reiziger zal instappen. Dan zorgt hij voor een goed verloop van de reis.
Maar er is een probleem: de koetsier is beneveld en er is niemand om hem uit deze toestand te wekken. Hij verkeert voortdurend in een roes, ziet de werkelijkheid niet en verwaarloost inmiddels de koets en de paarden. Zo laat hij zijn werk versloffen.
Dat zou op zich niet zo'n ramp zijn als de koetsier de werkelijke hoofdpersoon van het verhaal was. Dat is hij echter niet, ook al beschouwt hij zichzelf wel zo. De koetsier bestaat bij de gratie van de reiziger, die wacht tot de koetsier zijn zaken op orde heeft en dan in de koets stapt om op weg te gaan.
De koetsier speelt een bijrol, een noodzakelijke bijrol, maar hij is niet de hoofdpersoon. De reiziger is de hoofdpersoon; hij kent de bestemming en hij weet waarheen hij wil. De koetsier weet hoe hij ergens moet komen, dat is zijn functie. Als de koetsier dronken is kan de reiziger echter niets doen.

Maar wat is nu die dronkenschap? De dronkenschap van de koetsier is volgens Gurdjeff de slaap van het 'ik'. Het is de toestand, waarin de mens niet meer, of nog niet, weet wie hij is en wat zijn plaats is.

Of een tekst van Eckart Tolle, in zijn boek De kracht van het Nu:
"Als je naar iemand luistert, doe het dan niet alleen vanuit je verstand maar met je hele lichaam. Je moet het energieveld van je innerlijke lichaam voelen terwijl je luistert. Dat leidt de aandacht af van het denken en het zorgt voor een ruimte van stilte waardoor je echt kunt luisteren zonder dat het verstand zich er in mengt. Je geeft de ander de ruimte – ruimte om er te zijn. Het is het kostbaarste geschenk dat je iemand kunt geven."

Of een tekst van Lao Tse:
"Een dwaas houdt vast aan het pad en raakt zijn weg kwijt. Een wijze verlaat het pad en vindt zijn weg."

En Rabindranath Tagore:
"Vertrouwen is de vogel die zingt als de dageraad nog donker is.''

Of zoals Abraham Maslow het kernachtig zegt:
''Voor iemand met alleen een hamer, lijkt elk probleem op een spijker.''

En Antoine de Saint-Exupéry:
''Alleen met het hart kun je goed zien. Het wezenlijke is voor de ogen onzichtbaar.''

Of een vraag van Jan van den Oever:
"Wie ben je in de ruimte tussen twee gedachten?
De golf waant zich los van de zee, met een eigen identiteit. Maar als je goed kijkt is de golf de zee."

Of Martha Nussbaum:
"Het draait vooral om het spanningsveld tussen het kinderlijke verlangen naar zekerheid, de schending van dat verlangen wanneer je ouder wordt en de noodzaak om je aan 'het onzekere' over te geven. Er is geen oplossing voor deze onbestendigheid, maar ik ben het eens met anderen die zeggen dat die onvolmaaktheid een bron van vreugde is."